Kavel 31


Geschiedenis kavel 31:

 


 

Artikel uit 1971 – Door Cor Booy:

In Memoriam

Dirk Wintersteijn, de boer die nooit op vuile klompen zijn erf af ging.

Starnmeer. Een advertentie in de krant van maandag meldde het overlijden van de heer Dirk Meland WIntersteijn, op 75-jarige leeftijd te Uitgeest.
Dirk Wintersteijn is is vele jaren boer geweest in de Starnmeer. Hij had er gedurende een aantal jaren na de oorlog ook zitting in het polderbestuur, als hoofdingeland en voorts heeft hij zich voor zijn vakgenoten verdienstelijk gemaakt als bestuurslid van de plaatselijke afdeling van de Hollandse Maatschappij van Landbouw.
Toch zijn het niet deze kwaliteiten waarom ik hem in dit artikel wil herdenken, maar om zijn eigen levensstijl.

Buurman Wintersteijn was de buurman die het nooit zou wagen, de weg uit te gaan op vuile klompen. Droeg hij geen schoenen, dan wel een paar gele, schoon geboende klompen. En ook in zijn werk, in zijn blauwe boerengoed zag hij er altijd helder uit.
Buurman Wintersteijn en zijn vrouw – voor de buren “Dirk en Trijntje” – voerden in hun blazoen als het ware het devies dat onderhoud van je eigendommen de beste kapitaalbelegging is. Waar je ook kwam in de boerderij, in de schuur of op het erf, het was er overal schoon. Elk stuk gereedschap blonk je toe schoongeschuurd en ingevet. Kwam je ‘s zomers in de kraakhelder geschrobde stal, dan lag op de plaatsen die ‘s winters door de koeien werden ingenomen schoon wit zand geflankeerd door een bed van gewassen schelpen.

Beleden

De grote voorjaarsschoonmaak was bij Dirk en Trijntje een ritueel waaraan de handschrobber uitvoerig te pas kwam en waarmee geen naadje in de koeschutten en voertonnen werd overgeslagen en waaraan tot slot met de verfkwast het buitenom een opfrissertje kreeg wat er niet om loog.
Zózeer heeft Dirk Wintersteijn zijn reinheids- en onderhoudscultuur beleden, dat toen na de verkoop van zijn boerderijtje de staat van onderhoud minder werd, hij het ook niet meer heeft willen zien. Moest hij noodzakelijkerwijs toch in de Starnmeer zijn, dan koos hij zijn weg zo dat die niet langs zijn voormalige woon- en hofstee voer.

Museum

Toen Trijntje was overleden hijgt hij haar pronkservies en nog wat zorgvuldig bewaarde spulletjes – geen barstje er in! – aan het Purmerender Museum geschonken.
Dirk en Trijntje hadden geen kinderen. Als wij, de kinderen van de buurt, op 11 november onze gezamenlijke tocht met stallantaarns, lampions en uitgeholde bieten maakten ter viering van St. Maartensdag, dan werden we overal ontvangen door de buurvrouwen die ons van snoep en centen voorzagen. Behalve bij Wintersteijn. Daar stond ook de buurman in de deuropening.
Eén keer moesten we allemaal binnen komen in de zeer schone huiskamer en werden we allemaal getracteerd op ranja en een taartje. Dat was toen Dirk en Trijntje 12,5 jaar getrouwd waren. God weet hoe een groot feest dat voor hen is geweest, toen we daar allemaal tegelijk aan tafel zaten te smullen.

Hendrik

In de na-oorlogse jaren hadden Dirk en Trijntje een knechtje:; Hendrik. Een jongen uit een armoedig en sociaal achtergebleven gezin die ook in geestelijk opzicht tekort kwam. Wat een geduld hebben Dirk en Trijntje aan de dag gelegd om van Hendrik wat te máken en hem wat te leren. Een eigen kind zou geen betere verzorging hebben kunnen wensen.
“Zij was mijn moeder” huilde Hendrik, toen Trijntje – alweer 12 jaar geleden – overleed.
Nu is ook zijn “vader” er niet meer.
Woensdag hebben we hem de laatste eer bewezen op het kerkhof van Westgraftdijk. Dirk Meland Winterstijn, de buurman die nooit op smerige klompen zijn erf af ging. Een man die door zijn rechtschapenheid iets afstraalde op zijn omgeving, zodat hem kennen toch ook een verrijking van mijn leven heeft betekend.   COR BOOY

 

Met dank aan Dé Wintersteijn voor de foto’s en verhalen.

Category: Tags: